Gorinchem verdrinkt in doom bij Doom Over Gorinchem

Geslaagde eerste editie met een fijne diversiteit

Gorinchem is nou niet meteen de plek waar je aan denkt bij doom metal. Toch is het hier waar de eerste editie van Doom Over Gorinchem plaatsvind, in het toepasselijk getitelde Podium Gorinchem, of ‘PoGo’. “Oh, een eerste editie”, horen we jullie al hardop tegen jezelf zeggen, “dan zal het wel niet veel spannends bevatten.” Integendeel, want dit is een feestje van ene Ben de Graaff, die eerder Dordrecht Doom Days voor zijn rekening nam. Dus bevat de line-up beide dagen louter klinkende namen, waarvan de headliners Esoteric en October Tide al even niet meer in Nederland gesignaleerd zijn. Helaas is Ragherrie door verplichtingen alleen op de zaterdag aanwezig, maar het is genoeg om te proeven van de knusse sfeer. Die sfeer is gemoedelijk, waarbij bands en fans vaak samen naar de acts kijken of staan te kletsen bij de merch. De ombouwtijd tussen de bands is iedere keer een halfuur, en verder zijn er geen kraampjes of verkopers, dus wordt het vaak hangen bij de bar.

Om half twee trapt Beyond Our Ruins uit Raamsdonksveer af. Van de bands die vandaag de revue passeren is dit de nobele onbekende, maar zoals dat vaak gaat, doet de naam al even de ronde. De show van vandaag staat in het teken van het debuut A Dreadful Oath, dat ook meteen uitkomt. Muzikaal bedienen de heren ons van een mix tussen melodische death metal en doom, met hints naar Paradise Lost, My Dying Bride en Daylight Dies. Dus geen ellenlange begrafenismarsen die loodzwaar op de maag liggen, maar statige riffs, daadwerkelijke nummers, en zelfs uptempo stukken. Zanger/bassist Bas Prins is geen frontbeest dat meteen het hele publiek meekrijgt, maar bewijst zich met een stem die veel aankan, van typische death grunts naar plechtige cleane zang, een Aaron Staintorphe-achtige praatstem, en heel even een diepe funeral doom brom. De muziek weet door de afwisseling van snel en langzaam de aandacht vast te houden, zelfs al is de zaal nog maar voor de helft gevuld van wat het vandaag zal worden. Beyond Our Ruins mag in ieder geval terugkijken op een goede releaseshow; de review van hun album volgt snel.

Daarna nemen we een draai van 180 graden met Weeping Silence uit Malta. Tijdens de ombouw zien we een keyboards, twee microfoonstandaards, en een vrouw én man daarachter. De link met Draconian is snel gelegd, en blijkt terecht, want de gothische doom van de Zweden blijkt de leidraad voor deze Maltezers. Toegegeven, de band is strak (minder strak dan de broek van zangeres Diane Camenzuli, dat wel), maar weet ons niet echt te boeien. Vooral zanger Dario, die verdienstelijk grunt, werkt op de zenuwen door wat rockster-bewegingen te etaleren en het publiek tot klappen over te halen. Dit is echter doom, en franjes hoeven niet. De vrouwelijke vocalen zijn ook redelijk eentonig en na een kwartier hebben we het wel gezien en gehoord. Ook de hi-hat van de drummer klinkt schel en vervelend. Voor de afwisseling een prima toevoeging, maar voor ons hoeft het niet.

Weeping Silence

Marche Funèbre uit België brengt het tempo daarna fiks omlaag. De Mechelse band is gestaag aan een opmars bezig en mag wel tot de bekende gezichten worden gerekend. Op de nieuwe plaat Into The Arms Of Darkness zet men een enorme stap voorwaarts. Daar zullen de vele optredens voor Roots Of Grief (ook geen onaardig werk) zeker en vast aan bijgedragen hebben. Waar de rest van de band relatief statisch blijft (op headbangende bassist Boris Iolis na, die een vastgelijmde bril lijkt te hebben) is het frontman Arne Vandenhoeck die de aandacht terecht opeist. Zijn grunts zijn beestachtig, zijn krijsen ijzingwekkend en de cleans, oh die cleans! Wat kan deze man meeslepend zingen. De vocale bijstand van Iolis en gitarist Peter Egberghs maken het geheel alleen maar beter. Voor het eerst krijgen we ook echt lange nummers om de oren, met als hoogtepunt de single Lullaby Of Insanity. Ook Marche Funèbre weet snellere stukken te verweven in hun muziek, maar geeft de monolieten ook een structuur, zodat je niet doorhebt dat je een kwartier naar hetzelfde nummer aan het luisteren bent. Ook Deprived (Into Darkness) en het ‘oudje’ As In Autumn gaan goed naar binnen. Voor we het doorhebben is de speeltijd om. Hoogtepuntje!

Eveneens uit België komt Thurisaz, en na wat grappen of het vijftal meer materiaal van Battle Metal of Stand Up And Fight zal doen, trakteren ze ons op een woeste laag van geluid. De laatste plaat mag dan The Pulse Of Mourning heten, met doom heeft Thurisaz weinig te maken. Met black metal des te meer, maar wel een sfeervolle variant met veel keyboards en een dubbele vocale aanval. Het optreden begint niet vlekkeloos, en de drummer jongleert een paar keer met de drumstokken, maar na deze opstartproblemen wordt er strak gemusiceerd. We moeten bekennen dat we niet totaal bekend zijn met het repertoire van de band, maar het klinkt allemaal prima. Het is wel degelijk muziek om de aandacht bij te houden en af en toe kabbelt het wat voort, zodat we toch aan andere dingen gaan denken. Er zijn ook redelijk wat momenten die erg doom zijn, maar het grootste prestatiepunt is dat de band verdomd goed camoufleert dat ze eigenlijk buiten de boot vallen op dit festival, waardoor ze behoorlijk wat mensen meekrijgen.

Thurisaz

Dan weer terug naar de doom, en goed ook. Eye Of Solitude heeft met Cenotaph een meesterwerk afgeleverd, en liet dat eerder al horen op Dutch Doom Days. Vandaag krijgen we dezelfde set, maar afsluiter Loss wordt door tijdgebrek overgeslagen, wat een nogal abrupt einde aan de show oplevert. Voor het optreden begint worstelt zanger Daniël met zijn microfoon en de monitors, die constant feedback geven, tot hij chagrijnig besluit om zijn zang dan maar niet te horen (dit is relevant, geloof me). Uiteindelijk blijkt de backing track te kraken tijdens de koorzang, wat behoorlijk jammer is. Voor de rest was het perfect. De waanzinnig trage doom van de Britten (met Remco Verhees van Faal en Inhume op drums) is zó sloom dat het de grenzen van ieder tempo doet verdwijnen. Je kan niet anders dan meegesleurd worden door de loodzware riffs en trieste melodieën. Daniël Neagoe heeft een van de meest diepe grunts in het genre, maar ook zijn cleane zang is kippenvel-inducing. Hij mist geen steek, ook niet zonder monitors. De techniek zat tegen en daardoor was het niet zo overrompelend als eerdere passages, maar deze band bewijst zich andermaal als de nieuwe grootmacht in extreme doom.

Eria d’Or komt uit Gorinchem. Wij kenden ze niet, en toch werd dit optreden groots aangekondigd. De band blijkt uit elkaar gegaan te zijn in 2008 en doet vandaag het eerste optreden in negen jaar. Op drie demo’s na is er geen album om uit te putten, maar de band weet een grote schare fans uit hun thuishaven te scoren. We moesten even wat eten, dus vielen we pas bij het laatste nummer weer in, en meteen viel op dat zanger Werner een wit overhemd draagt, in schril contrast met elke andere band vandaag. Zijn grunts zijn ook niet mals, en we moeten even kijken of er niet stiekem een bandje meeloopt, want hij doet een gooi om Daniël van Eye Of Solitude te onttronen als diepe-grunt-koning van de dag. De periode is echter te kort voor een volledige indruk.

Eria D’Or

Officium Triste komt ook regelmatig voorbij en mogen we rustig bestempelen als de hoeders van de Nederlandse doom. Zanger Pim Blankenstein en consorten zetten al bijna negentien jaar hun kenmerkende death/doom neer, en hoewel het op het vlak van releases al even rustig is is de band nog steeds vaak op het podium te vinden. Pim meldt dat we vooral oud materiaal te horen gaan krijgen, maar Your Heaven, My Underworld, To The Gallows, en The Wounded And The Dying zijn recenter en nemen best wat tijd in beslag. Maar opener en afsluiter On The Crossroads Of Souls en klassieker My Charcoal Heart zijn stiekem alweer tien jaar oud, en Lonesome van het debuut bijna twintig jaar geleden. De band is strak en lijkt een nieuw vuur te hebben gevonden. Hier doet de backingtrack het perfect, en de dikke lagen toetsen komen goed over, hoewel het jammer is dat de band geen toetsenist heeft live. Fijne treurnis krijgen we met Pathway Of Broken Glass. Even is er verwarring, wanneer de microfoonstandaard het begeeft en zanger Blankenstein zonder zijn trouwste kameraad op het podium moet staan. Na een klein uur is het alweer afgelopen en kunnen we van een erg geslaagd optreden spreken.

Als afsluiter is Esoteric binnengehaald, die inmiddels wel als een grootmacht binnen het genre geldt. Louter kwaliteit bieden Greg Chandler en zijn mannen ons, en dat betekent dat er een uur en een kwartier gevuld worden met vijf nummers. Het podium wordt opgevuld met vier enorme effectenbakken voor de gitaristen, twee voor de heer Chandler zelf, die zijn zang via een headset doet, omdat er geen standaard bij past. Het eerste nummer Abandonment herkennen we nog nog, maar vanaf dan neemt de band ons mee in een jamsessie. De focus ligt op de laatste twee platen, en met Circle en Caucus Of Mind krijgen we twee van de langste nummers (beiden langer dan twintig minuten) voor de kiezen. Het geluid is perfect, en door de psychedelische effecten van de drie gitaristen weten we niet of er nou een backing track meeloopt of niet. De begrafenis-marsmuziek is immens en meeslepend, en je hebt geen drugs nodig om er ten volle in te duiken. Met een nieuw/onbekend nummer neemt de band na anderhalf uur afscheid en keren we tevreden huiswaarts. Een leuke eerste editie, en het is erg spijtig dat we de zondag moeten missen. Een dag waarop onder meer Façade, Funeralium en October Tide hun opwachting maakten. Volgend jaar weer? Zeker.

Datum: 25-02-2017 | Locatie: Podium Gorinchem, Gorinchem | Line-up: Beyond Our Ruins, Weeping Silence, Marche Funèbre, Thurisaz, Eye Of Solitude, Eria d’Or, Officium Triste, Esoteric | Setlists

Ragherrie wil Ton Dekkers bedanken voor zijn foto’s!

FacebookTwitter