Rise Of Avernus – Eigengrau

Solide, maar geen eigen gezicht
74/100

Dat Australië een vruchtbare grond biedt voor een verscheidenheid aan metalbands is bekend, maar doom metal is niet meteen een genre dat we bij dat zonovergoten land kunnen bedenken. Zo zeldzaam is het nu ook weer niet, funeral doom-culthelden Mournful Congregation komen er immers ook vandaan. Rise Of Avernus bedient zich echter van een gothic/symphonic doom geluid, gecombineerd met de Duitse titels zouden we zweren dat we met een Europese band van doen hebben. Metal-Archives leert ons dat de band is opgericht door ene Ben Vanvollenhoven, deze naam suggereert dat de Europese roots er sowieso zijn te vinden. 

Muzikaal zit Rise Of Avernus een beetje tussen Septicflesh en Draconian in. De band leunt erg op orkestratie, en die geeft zijn eigen toets aan de muziek, maar de doom metal van het trio lijkt dan weer meer op gothic doom, met piano en een dosis dramatiek. Helemaal doorslaan doet het nooit en de band blijft eerder op mid-tempo dan langzaam. Dat houdt de muziek wel headbangbaar, want in tegenstelling tot Septicflesh vergeet Rise Of Avernus niet dat ze een metalband zijn en riffs nodig hebben. De orkestratie is prominent aanwezig, maar de productie van Logan Mader (en dit is niet eens nu-metal) geeft de gitaar voldoende ruimte. De vocalen zijn vooral een typische deathgrunt, laag maar verstaanbaar, maar ook cleane vocalen komen langs.

De eerste nummers presenteren eenzelfde geluid met veel orkestratie, doom, gothic, en death metal in variabele hoeveelheden. Eigenlicht laat wat anders horen met een lang akoestisch intro, waarna men hun innerlijke Insomnium oproept, en daarna weer verder gaat met een uitgesponnen stuk vol esoterische zang, dromerig gitaarwerk en post-rock invloeden. Men bouwt uit naar een harder stuk met piano en keert uiteindelijk terug bij de metal, waarbij de grunts hoger klinken en naar een climax, compleet met blastbeats, toe werken. Naast de geijkte sound experimenteert Rise Of Averus ook met etnische invloeden. Zo bevat Tempest een Arabische toets, wat mystieke ondertonen aan het geheel geeft. De nummers zitten allemaal wel goed in elkaar, maar de sound vraagt om hooks en onthoudbare refreinen en die missen helaas. Het luistert lekker weg, maar de nummers vloeien een beetje in elkaar over. Als je je aandacht laat verslappen zit je zo drie tracks verder.

Daar staat tegenover dat als je wél op let, de nummers een goede structuur hebben, vooral de langere als Eigenlicht en Into Aetherium. Het is nou niet direct uniek te noemen en échte symphonic doom is nog altijd dun gezaaid, maar de band weet wat ze willen en verzandt niet in overbodig gerommel. De nummers zijn to the point, en duren alleen langer wanneer dat nodig is, en zelfs dan overschrijdt men de 8 minuten maar net. Geen enkel nummer gaat te lang door. Toch knaagt er iets. Dit klinkt als een band die zijn volle potentieel nog niet gerealiseerd heeft, het klinkt nog te veel naar de invloeden. Het stoort niet, maar dit is een niche die nog niet erg vol is, dus als de band een eigen sound weet te vinden kunnen ze een plekje voor zichzelf vinden in een landschap waar variatie toch ver te zoeken is. Volgens het promoblaadje omvat de term ‘eigengrau’ het fenomeen dat onze ogen een grijze gloed zien in het donker, wat betekent dat er totale duisternis is. Als album is het nog geen totale duisternis, maar eerder de donkerste schemering ooit. Het is wachten tot iemand het licht uit doet. 

Releasedatum: 19-01-2018 | Label: code666 | Facebook 

Tracklist:
01. Terminus
02. Ad Infinitum
03. Gehenna
04. Eigenlicht
05. Tempest
06. Forged In Eidolon
07. Mimicry
08. Into Aetherium

Tags: , , , , ,

FacebookTwitter