Ne Obliviscaris – Urn

Complex en uitdagend
90/100

De Australische progressive/melodeath band Ne Obliviscaris is terug met hun derde langspeler, genaamd Urn. Anders dan dat de titel suggereert, klinkt deze plaat allesbehalve dood of verdorven. Eerder zeer melancholische pracht en bombast, zoals we dat al kenden van voorganger CitadelUrn zou gerust een vervolg op Citadel genoemd kunnen worden, want dezelfde elementen en zelfs dezelfde volgorde van opbouw in tracks wordt gehanteerd. Dit is allesbehalve hinderlijk, maar juist nog meer van dezelfde meesterlijke formule. En dat is er één die we graag horen.

Want de elementen waar deze band in uitblinkt, zijn ook op deze plaat veelvuldig terug te horen: symfonische bombast, klassieke vioolsolo’s die de tranen bijna laten vloeien zó mooi, vernuftige basgitaarsolo’s waar menig gitarist jaloers op zou zijn én natuurlijk de loodzware, snoeiharde gitaarriffs voorzien van bijbehorende agressieve grunts. Een fenomenale formule die wederom geweldig tot zijn recht komt doordat de nummers ingenieus geschreven zijn. Het zijn stuk voor stuk progressieve tracks waarbij op een zeer verfijnde manier wordt afgewisseld tussen rustige, klassieke vioolpassages met clean vocals en de extremere bombast.

Opener Libera (Part I) Saturnine Spheres had zó op Citadel kunnen staan, een aantal gitaarriffs lijken zelfs exact overeen te komen met die van het voorgaande album. Maar dat is niet erg, want het geeft het gevoel van een doorlopend verhaal, waarbij Libera slechts een nieuw hoofdstuk inluidt. Het is een echt progressief nummer, met veel tempowisselingen en schommelingen tussen extremen. Het zachte van de klassieke vioolpartijen en het uiterst agressieve van de death metal komt op dit nummer heel goed tot zijn recht en zal dan ook een breed publiek kunnen aanspreken. Van hetzelfde kaliber is het iets meer bas en drums georiënteerde Urn (Part I) – And Within The Void We Are Breathless, hoewel we hier zanger en violist Tim Charles voor de verandering ook in de hogere regionen te horen krijgen, wat een sterk contrast vormt met de harde grunts van frontman Xenoyr. De terugkerende vioolpartijen en progressieve basloopjes geven Ne Obliviscaris een geheel eigen sound die uit duizenden te herkennen is.

De viool neemt ook op dit album weer een leidende rol in en is veelvuldig terug te horen tijdens de outros en op de rustige fragmenten in de nummers, welke al gauw elk rond de acht minuten klokken. Op de instrumentale track Libera (Part II) – Ascent of Burning Moths speelt het instrument zelfs een hoofdrol. Een goede keuze om deze ballade tussen het overwegend harde werk te plaatsen, zodat er een rustmomentje gecreëerd wordt en zodat de heren hun voorliefde voor klassieke elementen kunnen laten doorklinken.

Zoals de complexe en vooral lange songtitels wellicht al suggereerden: Urn is geen gemakkelijke plaat en zal dan ook niet voor iedereen weggelegd zijn. Houd je echter van contrasten, ingenieuze tracks, extreme progressieve metal en uitdagende bands als Fleshgod Apocalypse, dan zit je met Ne Obliviscaris helemaal goed. Urn is een echte ‘koptelefoonplaat’ waarbij je voor het ultieme luistergenot alle individuele elementen goed moet kunnen horen. Een heerlijke plaat met een kenmerkend NeO geluid, maar welke toch steeds blijft uitdagen.

Releasedatum: 27-10-2017 | Label: Season of Mist | Facebook

Tracklist:
01. Libera (Part I) – Saturnine Spheres
02. Libera (Part II) – Ascent Of Burning Moths
03. Intra Venus
04. Eyrie
05. Urn (Part I) – And Within The Void We Are Breathless
06. Urn (Part II) – As Embers Dance In Our Eyes

Tags: , , , , ,

FacebookTwitter